Rare portretten

Nieuwsbericht

Deze site is in opbouw. De Latijnse opvultekst wordt geleidelijk aan vervangen.

Inleiding

september 2011 - harrem

Hier worden rare mensen geportretteerd, die zelf geen weet van hun eigen raarheid lijken te hebben. Ze zijn best tevreden met zichzelf, ze gedragen zich behoorlijk bazig. En geïntimideerd of afhankelijk van zo'n portret zwijgt de omgeving. Spiegelbeeld

Waarom hangen die portretten hier? Waarom zou je überhaupt rare portretten een podium gunnen? Dat heeft hier mee te maken: in hun zelfovertuigde gelijk gaan sommigen dagelijks over een fatsoensgrens, waarbij ze moeiteloos anderen beschadigen. Van de rare portretten die hier hangen, kan je zeggen, dat ze nooit eerder door iemand werden gestuit in hun geldingsdrang. Opvallend is, dat rare portretten zich aan de ene kant niet schamen om flink over de schreef te gaan, terwijl aan de andere kant... ze het vreselijk vervelend als datzelfde gedrag wordt beschreven. Misdragen mag, er prat op gaan mag ook, maar een ander mag dat niet opschrijven. Of hen een spiegel voorhouden...

En dat is dus wat deze site doet.

"De waarheid over de kat hoort men van de muizen."

Henry FordHenry Ford 
Amerikaans automobielfabrikant (1863-1947)

Lijn

1. Goed dood

oktober 2011 - harrem

 

“Over de doden niets dan goeds” is een rituele uitspraak, zo'n obligate opmerking bij het overlijden van een familielid. Zelfs als zo iemand niet deugt. Zodra het kreng onder de zoden ligt... is het een voortreffelijk mens. Hoe onhoudbaar die stelling is, blijkt als de namen van Attilla de Hun, Josef Stalin of Adolf Hitler opduiken. Over hen valt weinig goeds te melden. Als je alleen goed over de doden mag spreken, dan kan je net zo goed de geschiedenisboekjes dichtslaan. De meeste mensen willen eigenlijk alleen positieve dingen horen over hún doden? "Eigen doden eerst,"  zal ik maar zeggen...

In tv-reportages toonden verwanten van die Srpski schurkski, ex-president van Joegoslavië Slobodan Milosevic, zich verongelijkt over zijn slechte pers. Hij was een goeie vader, liefhebbende echtgenoot en fijne broer. Drup, drup... krokodillentranen. Let op wie er het hardste protesteert, als er iets kwaads onthuld wordt over een dode. Kritiek op de overledene raakt waarschijnlijk een nauwe verwant. Nog waarschijnlijker degene met wie hij onder één hoedje speelde. Wie afstand kan nemen, heeft geen moeite met kritische geluiden. Juist wie persoonlijk betrokken is bij lage streken van de overledene, heeft reden om verontwaardigd te reageren. Een typisch geval van boter op het hoofd hebben en dan kan je beter niet in de zon staan. Kritische aandacht lijkt op in het zonnetje zetten; iemand die medeverantwoordelijk is, wil dat nu juist vermijden.

Waar wordt dat gedemonstreerd? Het aantal te veroordelen oorlogsmisdadigers slinkt zienderogen. Bij publieke rechtszittingen valt op dat ze steeds minder een brutale bek hebben. In tv-reportages zien we huilerige, oude en ziekelijke mannen, die ons medelijden proberen af te dwingen. Voorheen kwamen ze altijd goed weg met een grote scheur en nu ineens - in het nauw gedreven - doen ze een beroep op ons gevoel. Met het grootste gemak draaien ze de rollen van dader en slachtoffer om. De meesten zijn zo oud, dat een veroordeling tot levenslang een lachertje wordt. En nu eens opletten wat er gebeurt zodra ze begraven zijn. Door wie worden ze dan nog door dik en dun verdedigd? Dat zijn geheid medebetrokkenen en medeverantwoordelijken. Soms wordt er iemand voor de camera gehaald, die zich met weemoed iets menselijks herinnert. Bijvoorbeeld dat hij als kind paardje reed op Oom Osama’s rug. Aandoenlijk toch... Moeten we dan over ons hart strijken en relativerend duizenden slachtoffers vergeten? Zo van “nou ja, het is al zo lang geleden”.

Ik kwam hierop, omdat ik met verwondering waarneem dat zulk gedrag om ons heen ook gewoon voorkomt. Nu ken ik persoonlijk weinig oorlogsmisdadigers en tirannen, maar op kleinere schaal opereren er mensen, die dagelijks dezelfde tactiek volgen. Uiteraard hebben zij niets gemeen met die grote criminele namen. Zij maken ook geen duizenden slachtoffers. Hooguit verruïneren ze hier en daar het leven van een vage medewerker, een enkele in de weg staande collega of een onbenullig familielid. Peanuts dus.

Op het Internet plaatste ik daarover enkele anekdotes. Ofschoon dat onschuldige ontboezemingen zijn, ontlokten ze soms overgekookte reacties. Opmerkelijk genoeg juist uit die hoek! Wat was er aan de hand? Een waargenomen hondendrol beschreef ik zoals het object nu eenmaal is. Namelijk iets met de structuur, de textuur en de geur van canine feces. Dat viel kennelijk niet in goede aarde bij enkele gekwetste lezers. Tot mijn verbazing bleek, dat zij zich vereenzelvigden met het gehekelde onderwerp. In dit voorbeeld dus de beschreven hondendrol.

Nou zijn mijn ontboezemingen een mengsel van feiten en fictie. De aap kwam uit de mouw, toen lezers toch authentieke personen en soms zichzelf meenden te herkennen! Een lacherig vertelde anekdote las men als een aanklacht met krasse woorden. Er was bijna slachtofferhulp nodig. De hulplijn van Stichting Korrelatie is ook alleen maar van negen tot zes bereikbaar, dus ik moest die rotzooi van het internet halen. Onbeholpen was de melding dat men de politie binnenkort op die teksten zal wijzen. Wel een beetje agressief en intimiderend. Maar wat zullen we nou krijgen? Dat wordt gratis reclame voor mij; nog meer views?

Op een bizarre manier is het kranig van zo'n lezer: door de aanleiding voor de verontwaardiging te benoemen, doet hij tegelijkertijd een onhandige bekentenis. Iets in de geest van “die hufter uit dat stukje, hè… dat ben ik, hoor!” Nou zijn in het donker alle katjes grauw, maar er zijn er die met zekerheid zichzelf en eigen wanstaltig gedrag herkennen. Dat laatste schijnt normaal te moeten worden gevonden, maar het mag niet worden opgeschreven.

Atilla, Josef en Adolf hadden daar ook zo'n moeite mee.